Het spirituele kind en het badwater

Hieronder volgt een uitwisseling tussen Edwin, ervaringsdeskundige op het gebied van spiritualiteit en ontwrichting, en Eva Ouwehand, geestelijke verzorger. Edwin geeft o.a. trainingen in groepsbegeleiding aan ervaringsdeskundigen binnen herstelacademies en GGZ-instellingen. Eva werkt momenteel bij Altrecht en Fivoor. In haar werk begeleidt zij mensen individueel en in groepen op het gebied van zingeving en spiritualiteit en geeft trainingen aan zorgverleners. Ze is gepromoveerd op het onderwerp betekenisgeving van religieuze / spirituele ervaringen en de bipolaire stoornis.

Edwin:

Sinds 1996 heb ik een aantal ervaringen gehad die overeenkomen met de symptomen van een manische episode van een bipolaire stoornis. Deze ervaringen zijn behoorlijk ingrijpend geweest. Enerzijds voel ik mij in dergelijke perioden buitengewoon geïnspireerd, energiek en creatief, alsof al mijn vermogens op een hoger niveau functioneren dan normaal. Anderzijds hebben ze nadelige gevolgen gehad voor mijn relaties met anderen, werksituaties, financiële situatie, reputatie en zelfbeeld. Hoewel ze gelukkig niet tot een psychiatrische opname hebben geleid is het wel een fenomeen dat herhaaldelijk mijn leven op zijn kop heeft gezet.

Bipolair?

Ik ben in 2009 tot de diagnose bipolaire stoornis gekomen door het invullen van een online test. Vervolgens meldde ik mij aan bij de GGZ, had een gesprek met een psychiater en een tijdje vond ik herkenning in de diagnose bipolair. In het grootste deel van de periode daarna vond ik die herkenning niet meer, hoewel ik nog steeds af en toe de symptomen vertoonde. Dat heeft te maken met het feit dat ik deze symptomen niet beschouw als de kern van mijn probleem. Ik beschouw ze eerder als het gevolg van mijn verwarring rondom transpersoonlijke / spirituele ervaringen.

In de afgelopen jaren heb ik een aantal ervaringen gehad waarvan ik vermoed dat ze een gezonde, authentieke kern hebben, tenzij ik mijzelf erin verlies en de ervaring een ontwrichtende karakter krijgt. Ik zal hieronder een tweetal ervaringen noemen en mijn verwarring daarover in meer detail beschrijven: het ervaren van synchroniciteit en een solipsistische ervaring.

Synchroniciteit

Carl Jung definieerde synchroniciteit als het gelijktijdig optreden van gebeurtenissen die een significant verband hebben voor de waarnemer hoewel er geen causaal verband is. Jung was zelf bekend met dit fenomeen. De religieuzen onder ons zullen synchroniciteit wellicht aanduiden als ‘de hand van God’. De Dalai Lama zei ooit hierover ‘Ik sta open voor de leiding van synchroniciteit en ik laat verwachtingen niet mijn pad belemmeren’. Er wordt over hem geschreven dat hij bij moeilijke beslissingen een dobbelsteen gooit en deze zijn beslissing laat bepalen.

Ik zal een voorbeeld van een synchroniciteit geven. Ik had eens een conflict met iemand met wie ik een jarenlange vriendschapsband had. We hadden elkaar daardoor al een paar maanden niet gesproken en eigenlijk wilde ik wel weer toenadering zoeken maar ik wist niet goed hoe.

Op een dag werd ik gebeld door een medewerker van energiemaatschappij Nuon. De medewerker informeerde of mijnheer X thuis is. ‘X’ is de achternaam van die vriend met wie ik op dat moment een conflict had. Ik checkte het adres en in het computersysteem van de Nuon bleek mijn mobiele telefoonnummer bij zijn adres te staan vermeld, hoewel ik (en ook hij) dat nooit had opgegeven. Deze wonderlijke gebeurtenis heeft ons toen weer bij elkaar gebracht, want ik pakte dat toen op als een hint van het universum om hem te bellen en mijn onvrede over hem los te laten.

Dergelijke ervaringen hebben bijgedragen aan het ontwikkelen van een ander perspectief op de wereld en de gebeurtenissen in mijn leven. Geloven dat alles een causaal verband heeft of gewoon ‘stom toeval’ is, is voor mij niet meer mogelijk op grond van mijn ervaringen met synchroniciteit. Hiermee valt ook de zekerheid weg van het volledig kunnen vertrouwen op het rationeel verklaarbare. Een bepaalde dimensie van het leven heeft zich geopend waarin het intuïtieve en het symbolische van grote betekenis zijn. Tegelijkertijd vraagt dit om de nodige beheersing en balans om niet te verdwalen in deze ‘wonderlijke wereld’ waarvoor geen eenduidige handleidingen bestaan en de beschikbaarheid van goede gidsen geen vanzelfsprekendheid is.

In mijn verwarrende episoden heeft het fenomeen synchroniciteit mij nogal eens parten gespeeld. In dergelijke perioden ervaar ik dit in hoge mate. De intensiteit bouwt zich overigens langzaam op waarbij ik gaandeweg steeds meer overtuigd raak van deze kijk op het leven. Ik denk dan bijvoorbeeld aan iets en op hetzelfde moment hoor ik een flard van een liedje op de radio dat precies over dit onderwerp gaat. Of mijn oog valt op een tekst die samenvalt met een gedachte van een paar seconden geleden. Het is vooral de aaneenschakeling van dergelijke ervaringen die tot de overtuiging leidt dat er echt verbanden zijn tussen mijn gedachten en wat er om mij heen gebeurt.

Naarmate de episode vordert gebruik ik deze zienswijze steeds vaker voor het maken van keuzes. Ik stel mijzelf bijvoorbeeld innerlijk een vraag waarop ik dan in de flard van een gesprek verderop iemand het antwoord hoor geven. Of ik hoor een geluid in mijn huis dat ik als antwoord interpreteer. Ook zocht ik synchroniciteit op door het trekken van orakelkaarten zoals Tarotkaarten om antwoord te krijgen op mijn vragen. Er ontstaat dan een uiterst intieme dialoog met het leven, waarin binnen en buiten een eenheid lijken te vormen en ik directe ‘feedback’ lijk te krijgen van de wereld op mijn gedachten en vragen.

Ik ben een aantal verwijzingen naar deze synchroniciteit tegengekomen in de bestudering van spirituele, mystieke en religieuze zienswijzen en leraren die ik tegenkwam op mijn spirituele pad. Tijdens mijn instabiele perioden vormen ze voor mij een bevestiging van de authenticiteit van mijn beleving. Ik interpreteer mijn ervaringen dan juist als een vordering op mijn spirituele ontwikkelingsweg. Na deze perioden moet ik steeds constateren dat die zienswijze voor mij linke soep is omdat het ook voor veel problemen heeft gezorgd.

Predestinatie?

Door het wonderlijke samenvallen van mijn gedachten en vragen met wat er buiten mij gebeurt kom ik gaandeweg tot een aantal verwarrende conclusies die in iedere episode weer terugkeren. Door de overvloed van synchroniciteiten concludeer ik dat dit alleen maar kan bestaan als mijn gedachten zijn ‘voorgesynchroniseerd’, dat wil zeggen dat ik ze in ieder moment ontvang als onderdeel van een vooraf bedacht, allesomvattend script.

Dit is vergelijkbaar met het acteren in een film die al heeft plaatsgevonden en waarvan het script dus al in het kleinste detail is bepaald. De één noemt dit Gods plan, de ander noemt het predestinatie. Ik herken dit idee ook in Einsteins reactie aan de Spinoza Sociëteit dat ‘mensen in hun denken, voelen en handelen niet vrij zijn maar net zo causaal gebonden zijn als de sterren in hun beweging’. Ook vond ik op dit vlak herkenning in de uitspraak van een oosterse wijze, Ramana Maharshi.

Solipsisme

Tijdens mijn verwarring kom ik nog tot een andere beleving, dat bekend staat als een solipsistisch syndroom. In deze zienswijze wordt niets dat kan worden waargenomen als werkelijk beschouwd. Alleen het perspectief van de waarnemer zelf wordt als werkelijk beschouwd. Dat komt erop neer dat ik mijn hele leven dan beschouw als een uiterst geloofwaardige Virtual Reality-ervaring waarbij ik in feite altijd al compleet alleen ben geweest. Er bestaan dus geen andere mensen, niet écht. Ik beschouw het dagelijks leven dan als een soort droom die niet werkelijk is, waaruit ik op een gegeven moment weer zal ‘ontwaken’ (bij het overlijden).

Vanuit het solipsistisch perspectief ervaar ik veel moed, nauwelijks angst, alles is vertrouwd want ik bén alles en alles is dus in wezen ván en voor mij. Ik speel in de film van mijn leven waar ik zelf de regisseur van ben en bovendien de enige werkelijke want al het zintuiglijk waarneembare bestaat niet echt. Tijdens dergelijke perioden vindt er een fundamentele omkering plaats. Ik meen dan dat het perspectief tijdens alle eerdere instabiele episodes echt was en de stabiele, tussengelegen perioden slechts een droom. Naarmate de episode vordert komt er uiteindelijk een eind aan mijn solipsistische waan, vooral door de confrontatie met de realiteit.

Terugkijkend op mijn verwarrende episodes constateer ik dat een deel van de ervaringen geen authentieke synchroniciteiten waren. Ik heb het fenomeen synchroniciteit radicaal op alles toegepast. In combinatie met chronisch slaapgebrek heb ik een hoop verbanden gezien die er in werkelijkheid niet waren. Of misschien heb ik sommige ervaringen onbewust gecreëerd door een of andere ‘spirituele natuurwet’. In sommige spirituele kringen is het kunnen manifesteren van ervaringen een gangbaar idee, zoals bijvoorbeeld in de populaire film ‘The Secret’ wordt behandeld.

Door alles innerlijk te vragen en de antwoorden als ‘tekens’ tot mij te laten komen, heb ik in ieder geval een aantal beslissingen genomen waarvan ik na afloop van de episode moest constateren dat ze duidelijk niet klopten. Dit heeft geleid tot een aantal ervaringen die overlappen met symptomen van een bipolaire stoornis (ongeremdheid, betrekkingswaan, impulsief gedrag, slaaptekort, associatieve en creatieve gedachten).

Het ervaren van synchroniciteit is slechts één voorbeeld van een spiritueel fenomeen waarvan ik de valkuil heb ervaren. Mijn uitdaging is om hiermee verantwoord om te gaan. Ik heb buiten de episoden de gewoonte om synchroniciteiten te negeren en er niet op te handelen. Soms kan ik mij echter niet onttrekken aan ‘seintjes van het universum’ bij het nemen van beslissingen omdat ze vaak ook goed hebben uitgepakt. Ik vind het heel lastig om hier het spirituele kind met het verwarrende badwater weg te gooien.

Ook in mijn werk als ervaringsdeskundig groepsbegeleider kom ik nog wel eens mensen tegen die zijn ontwricht door spirituele ervaringen als de mijne en hiermee worstelen. Op internet bestaan er vele fora met spirituele en transpersoonlijke ervaringen die potentieel zeer verwarrend zijn. Naast positieve ervaringen met de inname van bewustzijnsverruimende substanties zoals ayahuasca hoor ik ook geluiden dat dit tot psychische ontwrichting heeft geleid.

Binnen de GGZ miste ik bij de intake vragen over eventuele spirituele ervaringen. Het maakt in veel organisaties ook geen deel uit van het protocol om hierover te praten. Mijn omgang met deze ervaringen vormt wel de kern van mijn probleem. In het bestrijden van symptomen zonder diepgaand inzicht in de onderliggende fenomenen en gedachten zie ik niet veel heil. Daardoor heb ik de conclusie getrokken dat de GGZ niet de juiste plek is voor me. Ik hoop dat er begrip, herkenning en/of een doorverwijzingsprotocol komt voor mensen met ervaringen als de mijne.

Nu ben ik benieuwd Eva, of jij iets kunt zeggen over het ervaren van synchroniciteit door de mensen die jij hebt geïnterviewd in het kader van jouw promotieonderzoek? Wat zou volgens jou behulpzaam kunnen zijn bij de behandeling van een dergelijk probleem?

Eva:

Beste Edwin,

Allereerst dank voor je heldere stuk. Mooi hoe je ervaringen en beschouwingen in een perspectief zet! Mooi helder taalgebruik ook.

Jouw stuk over synchroniciteit roept meteen in het begin al herkenning op van thema’s die ik in mijn onderzoek gevonden heb. De bijzondere ervaringen die je kunt hebben tijdens manieën, brengen inspiratie en creativiteit met zich mee en hebben ook nadelige gevolgen. Het beeld dat je van jezelf hebt wordt daardoor op zijn kop gezet. Veel mensen in de interviews vertelden dat de inzichten die zij tijdens manieën of in de aanloop naar een manie gekregen hadden, door hen in de periode daarna (vaak een depressie) helemaal in twijfel werden getrokken. Soms hadden mensen het gevoel een spiritueel pad gevonden te hebben terwijl dat helemaal op losse schroeven kwam te staan door een opname, of door de depressie die volgde. Dat maakt dat het nadenken over wie je bent een enorme uitdaging is.

Ook je analyse dat de ervaringen die je hebt gehad een authentieke kern hebben, maar ontwrichtend kunnen zijn als je je erin verliest is heel herkenbaar. In de interviews bleken veel mensen aan hun ervaringen zowel een religieuze of spirituele betekenis toe te kennen; tegelijkertijd vonden zij dat er ook ontwrichtende kanten aan zaten, die ze aan de bipolaire stoornis toeschreven. In het vragenlijstonderzoek lag dit percentage lager: 42% van de deelnemers interpreteerden hun ervaringen als zowel bij hun spiritualiteit als bij hun ziekte behorend. Ook vonden in dit laatste onderzoek lang niet alle mensen dat hun ervaringen blijvende invloed op hun leven hadden.

De ervaring van synchroniciteit zoals je die beschrijft, was de ervaring die het een na vaakst voorkwam, bij 66% van de deelnemers aan het vragenlijst onderzoek. Ik denk, en jij haalt daar een aantal voorbeelden van aan, dat het uitgaan of zien van de samenhang tussen verschijnselen; het niet-toevallige van gebeurtenissen, terug te vinden is bij vele vormen van spiritualiteit en religie. Uit sociologisch onderzoek blijkt, dat 55% van de Nederlanders wel eens de ervaring heeft: Een samenloop van gebeurtenissen in mijn leven waarvan ik het gevoel had: Dit kan geen toeval zijn. Je bent daar alleen niet steeds mee bezig.

Als ik naar mezelf kijk, zijn er als het ware verschillende modi waarin ik de wereld waarneem. Er is een soort grondgevoel dat de dingen die ik heb meegemaakt niet voor niets gebeurd zijn. Op cruciale momenten in mijn leven ben ik mensen tegengekomen of heb ik dromen gehad die mij verder konden helpen. Dat zie ik als niet toevallig. Maar als ik bezig ben met mijn onderzoek, dat een wetenschappelijk karakter heeft, ervaar ik deze samenhang veel minder. Mijn geest stelt juist alle vanzelfsprekendheid ter discussie.

Als je vanuit de huidige mainstream wetenschap naar synchroniteitservaringen kijkt, zou je kunnen zeggen: dat zijn attributies van de geest aan zintuigelijke waarnemingen. Sinds mijn studententijd doe ik aan Vipassana mediatie, een vorm van boeddhistische meditatie. Als ik intensief mediteer, bijvoorbeeld in een retraite, dan vervallen de automatische attributies en interpretaties van de zintuigelijke waarneming langzamerhand en ervaar ik het leven weer meer als stroom die vanzelf voortvloeit, zonder dat er een ‘ik’ is dat ingrijpt of doet. Er zijn dan minder gedachtenconstructies en meer directe, zintuigelijke waarneming. Ook zie ik dan dat ervaringen en gedachten erg afhankelijk zijn van de stemming waarin ik me bevind. Ze hebben geen uiteindelijke werkelijkheid, maar wisselen elkaar af. Misschien sluit dit aan op jouw ervaring die je het solipsistisch syndroom (waar komt deze term eigenlijk vandaan?) noemt, maar dat weet ik niet zeker. Alleen: elke gedachte dat iets wat je beleeft zo blijft, of een werkelijkheid op zich is, wordt in het boeddhisme als een illusie opgevat en heeft te maken met de menselijke neiging om dingen te willen vasthouden dan wel te wel te willen vermijden.

Als je de synchroniciteitsgedachte consequent doortrekt, zoals jij doet, kom je uiteindelijk uit op de ontkenning van de vrije wil. Hier komt iemand als Swaab trouwens ook op uit, zij het op heel andere gronden. Ik denk zelf dat de reflectieve modus, waarin je verschillende dingen naast elkaar afweegt, ook een belangrijke modus is in het menselijk bestaan. In spirituele en religieuze tradities is het vermogen tot overgave belangrijk en wordt dit gecultiveerd. In theologie en filosofie wordt kritisch en systematisch nagedacht over de verschillende manieren om de werkelijkheid te zien of te verstaan. Ik denk zelf dat we alle twee nodig hebben om verder te komen als mensen. Hoe zie jij dat?

Het lijkt erop dat mensen met een bipolaire stoornis bepaalde ervaringen zoals synchroniciteit heel sterk kunnen ervaren in manieën: 77% van de mensen die een ervaring van synchroniciteit hadden gehad in survey studie, rapporteerden dat zij die in manieën hadden gehad. Alle religieuze of spirituele ervaringen waren ook significant gerelateerd aan de bipolaire I stoornis. Dus mensen met BD I hebben ze vaker dan mensen met BD II, zo bleek. Misschien is het zo dat een genetische aanleg voor de bipolaire stoornis dit soort ervaringen gemakkelijker maakt en tegelijkertijd ook de valkuil om er te ver in door te gaan vormt. Eén van de geïnterviewden zei: “Ik kan me een theorie voorstellen dat je door de bipolaire stoornis, of door de manie open staat voor iets – aangenomen dat er iets als een spirituele werkelijkheid bestaat – maar dat het ook een ziekte in de hersenen is die maakt dat het ontspoort. En dan verlies ik de controle”. Ik ben benieuwd hoe jij hierover denkt, Edwin.

Misschien kunnen we het een andere keer hebben over je verwachtingen van de GGZ. Je snijdt een reëel punt aan: wat mag je van GGZ professionals verwachten als het gaat om de omgang met deze ervaringen. Ik zou zeggen: diepgaand inzicht in onderliggende fenomenen is misschien teveel gevraagd. Maar enige kennis van het belang van dit soort ervaringen en belangstelling voor hoe zij werken in een mensenleven mag meer verwacht worden dan nu het geval is, omdat het belangrijke ervaringen zijn voor mensen die van de GGZ gebruik maken. Omgekeerd is er in spirituele circuit, maar ook in kerken en moskeeën niet altijd voldoende psychiatrische kennis aanwezig om tot een evenwichtige omgang met dit soort ervaringen te komen. In de interviews hebben sommige mensen die de diagnose al heel lang geleden gekregen hebben, met vallen en opstaan een houding gevonden die de ervaringen een beetje relativeren. Zij zeggen dat religieuze of spirituele ervaringen niet het enige aspect zijn van spiritualiteit. Dat de ervaringen ‘geaard’ moeten zijn a.h.w. Ik denk dat uitwisseling tussen ervaringsdeskundigen op dit gebied dus ook belangrijk kan zijn.

Ik ben benieuwd hoe de uitwisseling verder gaat!

Eva

Edwin:

Hoi Eva,

Ik zal iets meer uitweiden over het solipsistisch syndroom en waar deze term vandaan komt.

Op Wikipedia wordt de volgende beschrijving gegeven, ik heb aan de vertaling wat geschaafd.

Individuen ervaren het solipsisme syndroom als het gevoel dat de wereld niet ‘echt’ is, in de zin dat ze buiten hun eigen geest niet bestaat. Het syndroom wordt gekenmerkt door gevoelens van eenzaamheid, afstandelijkheid en onverschilligheid ten opzichte van de buitenwereld. Het solipsistisch syndroom wordt momenteel niet erkend als een psychiatrische stoornis door de American Psychiatric Association, hoewel het overeenkomsten deelt met de depersonalisatie stoornis, die wordt erkend. Solipsisme syndroom is verschillend van solipsisme , dat is niet een psychologische toestand, maar eerder een filosofisch standpunt, namelijk dat er niets bestaat of kan worden gekend om te bestaan buiten de eigen geest; voorstanders van deze filosofie hebben niet perse last van het solipsistisch syndroom en patiënten hebben niet perse solipsisme als hun school van intellectueel denken.

Periodes van langdurig isolement kan mensen vatbaar maken voor het solipsistisch syndroom. In het bijzonder is het syndroom geïdentificeerd als een potentiële uitdaging voor astronauten en kosmonauten op langlopende missies, en deze zorgen hebben invloed op het ontwerp van kunstmatige habitats.

Ramana Maharshi, een oostere wijze, geeft twee hints die makkelijk kunnen worden opgevat als verwijzingen solipsisme (‘jiva’ kan voor het gemak even worden vertaald naar ‘persoon’)

“Jiva is called so because he sees the world. A dreamer sees many jivas in a dream, but all of them are not real. The dreamer alone exists and he sees all. So it is with the individual and the world. There is the creed of only one Self, which is also called the creed of only one jiva. It says that the jiva is the only one who sees the whole world and the lives therein.”

Ramana Maharshi beschouw ik naast Jezus als mijn voornaamste spiritueel leraar. Op haar website schrijft Elizabeth Reninger over solipsisme en het onderscheid met het standpunt van Ramana (Advaita Vedanta)

Dit onderscheid is vrij dun en het maken van dit onderscheid vraagt een behoorlijke dosis spirituele ontwikkeling en onderscheidingsvermogen. Ik ben er vaak ingetuind.

Je schrijft: ‘In spirituele en religieuze tradities is het vermogen tot overgave belangrijk en wordt dit gecultiveerd. In theologie en filosofie wordt kritisch en systematisch nagedacht over de verschillende manieren om de werkelijkheid te zien of te verstaan. Ik denk zelf dat we alle twee nodig hebben om verder te komen als mensen. Hoe zie jij dat?

Ik denk dat je helemaal gelijk hebt want een zekere naïeve ‘overgave’ (God zorgt voor alles) heeft mij meermaals in problemen gebracht. Ooit leende ik op verzoek honderd gulden aan een zwerver in het blind vertrouwen dat ik dat terug zou krijgen 😊 Jezus had misschien gegeven zonder verwachting en was dat een les die ik kon leren, maar ik dacht toen toch echt dat ik de man kon vertrouwen vanuit mijn vertrouwen in God.

Je noemde dat iemand schreef “Ik kan me een theorie voorstellen dat je door de bipolaire stoornis, of door de manie open staat voor iets – aangenomen dat er iets als een spirituele werkelijkheid bestaat – maar dat het ook een ziekte in de hersenen is die maakt dat het ontspoort. En dan verlies ik de controle”. Ik ben benieuwd hoe jij hierover denkt, Edwin.

Ik denk dat ongecontroleerde, blinde spirituele of religieuze overgave tot een disbalans met het rationele denken kan leiden waardoor het gezond verstand (tijdelijk) ver te zoeken is en onverstandige beslissingen kunnen worden genomen. Slaaptekort heeft daar in mijn beleving een grote invloed op gehad.

Ik heb de indruk dat gedurende dergelijke episodes in mijn hersenen bepaalde paadjes zijn ingesleten die een zienswijze op mijzelf en de wereld representeren waarin ik 100% oké ben en mijn persoonlijke problemen / uitdagingen niet werkelijk zijn. Ik geloof dan eigenlijk wat heel prettig is om te geloven, niet gehinderd door het rationele denken. Misschien is het wel een vlucht naar een niet (voluit) geleefd leven.

Is het een ziekte? Het geeft mij hoop en doorzettingsvermogen om dit fenomeen te beschouwen als iets dat nog kan worden beïnvloed, dat de gebaande gedachtenpaden kunnen vervagen en nieuwe paden kunnen worden gebaand. 

Ik geloof dat religie of spiritualiteit zonder aarding tot naïviteit en dwaling kan leiden. Ik denk ook dat uitwisseling tussen ervaringsdeskundigen op dit gebied erg belangrijk is. We zouden met elkaar kunnen nadenken en uitwisselen over de dwalingen / valkuilen die zijn verbonden met spiritualiteit en religie. Ik denk dat deze lijst behulpzaam zou zijn voor hulpverleners en cliënten die zich op dit vlak begeven.

Een punt dat ik nog met jou wil bespreken gaat over depressie. Depressie is een aanduiding voor symptomen waar ik mij in meer of mindere mate in heb herkend gedurende bepaalde perioden. Deze symptomen waren zwaarder aan het begin, in mijn twintiger jaren. In mijn geval waren de depressieve-achtige perioden denk ik vooral het directe en logische gevolg van een spiritueel ontwrichtende episode. Het was voor mij meermaals ‘puin ruimen’ van de schade die hierdoor ontstaat: in relaties, mijn zelfbeeld, imago, werk, zelfvertrouwen en Gods-vertrouwen. Ik was jarenlang God ‘kwijt’ en zocht tevergeefs naar Jezus in Israël en Egypte. In deze perioden was er een dominante rationele kant in mij actief, vooral op het vlak van zelfveroordeling. Ik zag elke episode als een ‘spirituele ontwrichting en persoonlijk falen’.

Mijn vraag aan jou is: zie jij depressie als een op zichzelf staand iets of maak jij ook uit de interviews op dat de depressie een logisch gevolg is van het gemis aan een authentieke, diepere ervaring van een spirituele realiteit?  Of is het een soort ‘Dark night of the soul’ zoals o.a. Eckhart Tolle het beschrijft. Ook medium Pamela Kribbe beschrijft zo’n ervaring in een boek.

En verder vraag ik mij af of je mijn solipsistische ervaring, in andere bewoordingen misschien, ook in de gesprekken met geïnterviewden bent tegengekomen?

Wat mij overigens een interessante aanvulling op jouw onderzoek zou lijken is een onderzoek onder spirituele en religieuze mensen om te meten in hoeverre zij zich gedurende bepaalde perioden van hun leven herkennen in symptomen van psychose / bipolaire stoornis in plaats van andersom.

Ben benieuwd naar je reactie per mail of anders spreken we elkaar ‘live’!

Edwin

Het vervolg:

Hier eindigt voor nu de uitwisseling tussen Eva en Edwin op deze plek. Eva kreeg het druk met voorbereidingen voor haar promotie in januari 2020. Op die dag heeft Edwin tijdens het erop volgende symposium ‘Tussen Hemel en Hel’ een toelichting gegeven vanuit ervaringsdeskundig perspectief. Eva en Edwin werken momenteel samen met vereniging plusminus om met een aantal samenwerkingspartners subsidie aan te vragen om een cursus over dit onderwerp te ontwikkelen en aan te bieden. Meer informatie vind je op deze websitepagina van plusminus.

Heb je zelf ervaringen met spiritualiteit en ontwrichting? Op bovengenoemde websitepagina vind je o.a. een mini-enquête waarin plusminus de behoefte peilt naar een dergelijke cursus. Jouw inzending is gewenst!